Informatiemanager Martin voert via BONVUE een opdracht uit bij een middelgrote gemeente. Met zijn brede kennis van het sociaal domein én ICT-ervaring is hij de ideale kandidaat.

Bij de gemeente speelde een urgent agendapunt: de wettelijke verplichting om te werken met budgetplafonds binnen de jeugdzorg. Om die verandering soepel door te voeren, schakelde de opdrachtgever Martin in. ‘Ze zochten iemand die een brug kan slaan tussen ICT en het sociaal domein. Als informatiemanager heb ik bij veel lokale overheden gewerkt, dus er was snel een goede match.’

Pas op de plaats

De opdrachtgever verraste hem. ‘In eerste instantie vroegen ze mij om niets te doen. Ga eerst maar eens twee weken praten en luisteren. Zet je voelhorens uit, inventariseer de knelpunten.’ Een prettige werkwijze, merkte hij. ‘Als je ergens binnenkomt verwacht men vaak direct dat je in actie komt. Maar even pas op de plaats maken is nuttig, die tijd verdien je later terug omdat je veel beter voorbereid aan de klus begint.’

Structuur

Bij deze opdrachtgever was vooral behoefte aan structuur en duidelijkheid. ‘De communicatie tussen sommige afdelingen ging niet goed en systemen sloten technisch slecht op elkaar aan. Ook het berichtenverkeer tussen de gemeente en de zorgaanbieders moest beter worden ingericht.’ Daarnaast was er behoefte aan management-rapportages voor het sociaal domein. ‘Dat is gelukt’, zegt Martin. ‘Er zijn goede rapportages en ze hebben nu adequate stuurinformatie.’

Toekomstbestendig

Martin helpt de gemeente ook om de ICT toekomstbestendig te maken. ‘In het verleden zijn systemen aangeschaft die alle veranderingen niet bij kunnen houden. Veel gemeenten worstelen met die erfenis. Ik houd ze een spiegel voor. Laat zien wat de trends zijn voor de toekomst en hoe je daar nu op moet inspelen. Gemeenten hebben een flexibel systeem nodig dat mee kan bewegen.’

Hij sluit deze opdracht straks met een goed gevoel af. ‘Er is al iemand gevonden die intern mijn rol gaat vervullen. Als ik klaar ben, loopt het hier een stuk soepeler, dat weet ik zeker.’